Je staat voor de derde keer die nacht bij de wc. De straal is een slap sprietje. En terwijl je daar staat, vraag je je af of dit iets ergs is.
Waarschijnlijk niet. Een vergrote prostaat, in medische taal goedaardige prostaatvergroting of BPH, is precies wat dat woord belooft: goedaardig. Het is geen kanker, het wordt geen kanker, en boven de vijftig heeft ongeveer de helft van de mannen het (Berry, 1984).
Maar goedaardig betekent niet onbelangrijk. En er is één ding dat vrijwel geen enkele Nederlandse pagina over dit onderwerp je vertelt, terwijl het je uitslag compleet kan doen kantelen. Daar kom ik zo op.
Wat is een vergrote prostaat precies?
Een vergrote prostaat is een goedaardige groei van het prostaatweefsel, meestal vanaf je veertigste. De prostaat ligt als een ring om je plasbuis heen. Groeit hij naar binnen, dan knijpt hij die plasbuis dicht. Dat verklaart bijna alle klachten die je hebt.
De medische namen die je tegenkomt betekenen allemaal hetzelfde ding. Benigne prostaathyperplasie (BPH), prostaathypertrofie, goedaardige prostaatvergroting: verschillende woorden, dezelfde aandoening.
Wil je precies weten waar het orgaan zit en wat het doet, dan hebben we dat apart uitgelegd in waar zit de prostaat en wat doet hij.
Waarom grootte weinig zegt over je klachten
Dit is het stukje dat ziekenhuispagina's wel benoemen maar nooit uitleggen. Je kunt een fors vergrote prostaat hebben zonder één klacht. En je kunt behoorlijk last hebben van een prostaat die nauwelijks vergroot is.
De reden is de plek van de groei, niet de omvang. Het weefsel dat bij BPH groeit zit in de transitiezone, de zone die direct om je plasbuis ligt. Groeit het naar binnen, dan merk je het meteen. Groeit een even groot volume naar buiten, richting je bekken, dan merk je er vrijwel niets van.
Twee mannen met exact dezelfde prostaatvolume kunnen dus totaal verschillende klachten hebben. Dat is geen tegenstrijdigheid. Dat is anatomie.
Hoe herken je een vergrote prostaat?
Aan je plaspatroon, niet aan pijn. De klachten heten samen LUTS (lower urinary tract symptoms) en vallen in twee groepen: moeite met plassen (zwakke straal, moeilijk op gang komen, nadruppelen, gevoel dat je blaas niet leeg is) en te vaak moeten (aandrang, overdag vaak, en 's nachts eruit).
Pijn hoort er niet bij. Doet het pijn bij het plassen, of heb je pijn in je onderbuik of bekken, dan denkt een arts eerder aan een ontsteking dan aan BPH. Dat is een ander verhaal, dat we behandelen in prostatitis en de klachten die daarbij horen.
De vragenlijst die je huisarts ook gebruikt (IPSS)
Er bestaat een gevalideerde score voor precies dit probleem, en vrijwel niemand publiceert hem. De IPSS (International Prostate Symptom Score) is een vragenlijst van zeven vragen, ontwikkeld en gevalideerd door de American Urological Association (Barry, 1992). De NHG-Standaard Mictieklachten bij mannen gebruikt dezelfde systematiek.
Je scoort elke vraag van 0 (nooit) tot 5 (bijna altijd), over de afgelopen maand. Tel op. Je zit tussen de 0 en de 35.
| Vraag (afgelopen maand) | Score 0 tot 5 |
|---|---|
| Had je het gevoel dat je blaas na het plassen niet leeg was? | 0 = nooit, 5 = bijna altijd. |
| Moest je binnen twee uur na het plassen alweer? | 0 = nooit, 5 = bijna altijd. |
| Stopte je straal en kwam hij weer op gang, meerdere keren? | 0 = nooit, 5 = bijna altijd. |
| Was het moeilijk om het plassen uit te stellen? | 0 = nooit, 5 = bijna altijd. |
| Was je straal zwak? | 0 = nooit, 5 = bijna altijd. |
| Moest je persen om op gang te komen? | 0 = nooit, 5 = bijna altijd. |
| Hoe vaak moest je 's nachts je bed uit om te plassen? | 0 = nooit, 5 = vijf keer of vaker. |
Wat je totaal betekent: 0 tot 7 is mild, 8 tot 19 is matig, 20 tot 35 is ernstig. Dit is geen diagnose en het vervangt je huisarts niet. Het is wel precies de taal waarin je huisarts denkt, en het maakt van "ik plas wat vaker" een getal waar iemand iets mee kan.
Neem je score mee naar je afspraak. Dat scheelt je een consult vol vage omschrijvingen.
Is een vergrote prostaat gevaarlijk?
Nee, in de basis niet. BPH is goedaardig, verhoogt je risico op prostaatkanker niet en groeit er ook nooit in over. Thuisarts.nl is er kort over: "Problemen met plassen zijn geen teken van prostaatkanker." Wat wel kan gebeuren, is dat de afvoer zo ver dichtknijpt dat er problemen ontstaan.
De risico's zitten in de gevolgen van obstructie, niet in het weefsel zelf. Blijft er steeds urine achter in je blaas, dan kun je blaasontstekingen krijgen, blaasstenen, en in het uiterste geval druk terug op je nieren.
De acute variant heet urineretentie: je kunt ineens helemaal niet meer plassen. Dat is pijnlijk en het is een spoedgeval. Dan ga je niet googelen, dan bel je de huisartsenpost.
Waarom groeit je prostaat eigenlijk?
Door hormonen, en niet door de hormonen die de meeste mannen verwachten. De hoofdrol speelt DHT (dihydrotestosteron), een krachtiger afgeleide van testosteron die in je prostaat wordt gemaakt door het enzym 5-alfareductase. DHT stimuleert de groei van prostaatweefsel, je leven lang.
Hier zit een misverstand dat hardnekkig is. Veel mannen denken: hoog testosteron, dus grote prostaat. Zo werkt het niet. Je prostaat groeit juist met de jaren, terwijl je testosteron dan gemiddeld dáált.
Het is de langdurige blootstelling aan DHT die telt, niet je testosteronwaarde van vandaag. Dat verklaart ook waarom leeftijd de sterkste voorspeller is: 8 procent van de mannen in de dertig heeft microscopisch BPH, tegen ongeveer 50 procent van de mannen tussen de 50 en 60 (Berry, 1984).
Wil je begrijpen hoe DHT en testosteron zich tot elkaar verhouden, dan legt haaruitval bij mannen en DHT hetzelfde enzym uit vanaf een heel andere kant.
Hoe hoog is je PSA bij een vergrote prostaat?
Vaak verhoogd, en dat is precies waar het misgaat. Een vergrote prostaat maakt meer PSA, simpelweg omdat er meer prostaatweefsel is. Een verhoogde PSA betekent bij jou dus lang niet altijd kanker. Het kan gewoon betekenen dat je prostaat groter is geworden.
Hoe je een PSA-getal leest en wat per leeftijd gebruikelijk is, staat in PSA-waarde: wat is normaal per leeftijd. Die uitslag hoort altijd in gesprek met je huisarts, niet in je eentje op de bank.
Het detail dat bijna niemand je vertelt: finasteride halveert je PSA
Slik je finasteride of dutasteride tegen je prostaat (of tegen haaruitval), dan daalt je PSA fors. Ongeveer de helft, en dat effect is al sinds de jaren negentig bekend (Guess, 1993). Het Farmacotherapeutisch Kompas noemt het bij deze middelen expliciet.
Neem twee mannen van 58, allebei met een PSA van 2,0 ng/ml op papier. De één slikt niets. De ander slikt al twee jaar finasteride, en zijn werkelijke waarde ligt dus rond de 4,0.
Zelfde getal op het formulier. Een heel ander gesprek bij de huisarts.
Wie dat niet weet, leest een normale uitslag waar een afwijkende had moeten staan. Daarom moet je arts weten dat je dit middel slikt. Vermeld het altijd, ook als je het puur voor je haar gebruikt. Het staat niet op je bloedbuisje.
Ik vind dat het belangrijkste zinnetje van dit hele artikel.
Wat kan bloedonderzoek wel en niet zeggen?
Bloedonderzoek kan een vergrote prostaat niet aantonen. Er bestaat geen bloedwaarde die "BPH" zegt. Wat bloed wél doet, is de omgeving in kaart brengen: hoe je nieren het houden, of PSA verhoogd is, en of je klachten misschien ergens anders vandaan komen. Diagnose stelt de huisarts, met jouw verhaal en een lichamelijk onderzoek.
| Bloedwaarde | Wat het je wel vertelt | Wat het je niet vertelt |
|---|---|---|
| PSA. | Of er meer prostaatweefsel actief is, of er iets speelt dat aandacht vraagt. | Of dat door goedaardige groei of iets anders komt. PSA maakt dat onderscheid niet. |
| Kreatinine en eGFR. | Of langdurige obstructie je nierfunctie begint te belasten. | Hoe groot je prostaat is. Nierwaarden zeggen niets over de prostaat zelf. |
| Glucose en HbA1c. | Of veel plassen door een hoge bloedsuiker komt in plaats van door je prostaat. | Of je daarnaast ook BPH hebt. De twee sluiten elkaar niet uit. |
| Testosteron. | Of hormonale klachten (libido, energie) een aparte verklaring hebben. | Of je prostaat vergroot is. Je testosteronwaarde voorspelt dat niet. |
Die derde rij is belangrijker dan hij lijkt. Vaak plassen is een klassiek symptoom van een te hoge bloedsuiker, en dat wordt bij mannen boven de vijftig regelmatig aan de prostaat toegeschreven. Meer daarover in bloedsuiker bij mannen.
Wil je die waarden bij elkaar zien, dan meet de prostaatgezondheid check ze in één afname.
Kan een vergrote prostaat weer kleiner worden?
Uit zichzelf niet. Prostaatweefsel dat er eenmaal is verdwijnt niet spontaan. Met 5-alfareductaseremmers kan het volume in de loop van maanden wel afnemen, en er zijn ingrepen die weefsel weghalen. Maar afwachten is bij milde klachten een volwaardige keuze, geen slappe.
De NHG-Standaard noemt dat expliciet als optie bij weinig hinder. Veel mannen komen prima uit met andere maatregelen: 's avonds minder drinken, koffie en alcohol beperken, en de tijd nemen op de wc.
Welke behandelingen er zijn en wanneer een ingreep in beeld komt, zetten we op een rij in behandeling van een vergrote prostaat. Die keuze maak je met een arts, niet met een blog.
Wanneer ga je naar de huisarts?
Bij bloed in je urine, bij koorts met plasklachten, en als je helemaal niet meer kunt plassen: dezelfde dag. Bij klachten die je nachtrust of je dag structureel verpesten: maak gewoon een afspraak. En als je IPSS boven de 7 uitkomt, heb je iets concreets om mee te beginnen.
Er is nog een reden om te gaan die weinig mannen noemen. Plasklachten en erectieproblemen hangen samen, sterker dan je zou denken, en onafhankelijk van je leeftijd of je bloedsuiker (Rosen, 2003). Dat verband werken we uit in vergrote prostaat en erectieproblemen.
Twee klachten die je apart hield, blijken dan één gesprek.
Wat het waarschijnlijk niet is
Rugpijn hoort niet bij BPH. Toch zoeken veel mannen daarop, en daarom leggen we in prostaatklachten en rugpijn uit wanneer je aan iets anders moet denken.
Ook darmklachten worden er vaak bij gehaald. Dat verband bestaat, maar het loopt andersom dan de meeste mensen aannemen: zie vergrote prostaat en darmklachten.
En moet je vooral 's nachts eruit, dan is je prostaat maar één van de verdachten. Hartfalen, slaapapneu en diabetes staan op hetzelfde lijstje. Dat pluizen we uit in vaak plassen in de nacht.
Waar je vandaag mee kunt beginnen
Pak de zeven vragen hierboven, scoor jezelf eerlijk, en schrijf het getal op. Doe dat een week lang, want één slechte nacht zegt niets.
Ga je toch bloed laten prikken, meld dan of je finasteride of dutasteride slikt. Dat ene zinnetje bepaalt hoe je PSA gelezen moet worden.
Voor de bredere context van prostaatonderzoek, screening en preventie hebben we een aparte gids: prostaatgezondheid, screening en preventie.
Bronnen
- Berry SJ, Coffey DS, Walsh PC, Ewing LL. The development of human benign prostatic hyperplasia with age. J Urol. 1984;132(3):474-479. PMID 6206240.
- Barry MJ, Fowler FJ Jr, O'Leary MP, et al. The American Urological Association symptom index for benign prostatic hyperplasia. J Urol. 1992;148(5):1549-1557. PMID 1279218.
- Guess HA, Heyse JF, Gormley GJ, Stoner E, Oesterling JE. Effect of finasteride on serum PSA concentration in men with benign prostatic hyperplasia. Urol Clin North Am. 1993;20(4):627-636. PMID 7505970.
- Rosen R, Altwein J, Boyle P, et al. Lower urinary tract symptoms and male sexual dysfunction: the multinational survey of the aging male (MSAM-7). Eur Urol. 2003;44(6):637-649. PMID 14644114.
- NHG. NHG-Standaard Mictieklachten bij mannen. richtlijnen.nhg.org
- Thuisarts.nl. Plasklachten bij mannen. thuisarts.nl
- Farmacotherapeutisch Kompas. Finasteride. farmacotherapeutischkompas.nl
Elk bloedtestresultaat bij Caliber bevat een professionele beoordeling door een BIG-geregistreerde arts. Bespreek voor behandelbeslissingen je resultaten altijd met je huisarts.
Auteur