Cardiovasculaire Gezondheid
Geavanceerd hartgezondheidspanel met hs-CRP en homocysteïne.
U traint, u rookt niet, uw gewicht klopt en uw huisarts vindt niets van uw cholesterol. En toch kreeg uw vader op zijn tweeënvijftigste een stent, en uw oom een infarct. Dat gat tussen uw uitslagen en uw familiegeschiedenis heeft vaak een naam: Lp(a), vaak geschreven als lpa. Lp(a) is een erfelijke risicofactor voor hart- en vaatziekten die op een gewoon lipidenpanel onzichtbaar blijft. De hoogte ligt voor ruim negentig procent vast in uw DNA en geeft niet mee onder discipline: geen dieet, geen krachttraining en geen supplement brengt dit getal omlaag. Daarom laat u het één keer prikken. Een verhoogde uitslag zegt niets over wat u fout deed. Hij zegt wel hoe scherp de waarden moeten zijn die u wél in de hand hebt.
Beoordeling door arts inbegrepen
| Uitslag | Waarde (g/l) |
|---|---|
| Normaal | < 0,3 |
| Grenswaarde | 0,3–0,5 |
| Verhoogd | ≥ 0,5 |
Lp(a) is grotendeels erfelijk bepaald en blijft levenslang vrijwel constant. Het risico stijgt geleidelijk met de waarde; de EAS benadrukt dat er geen biologische drempel is. De NHG-Standaard CVRM hanteert > 50 mg/dl (0,50 g/l, 80e percentiel) als afkapwaarde en adviseert géén screening van de algemene bevolking. Ons laboratorium hanteert zelf een strengere bovengrens (0,3 g/l), die overeenkomt met de EAS-ondergrens van het grijze gebied.
Bron: Nederlands Huisartsen Genootschap Referentiepopulatie: Volwassenen (NHG-Standaard CVRM; EAS 2022)
Bron: European Atherosclerosis Society Referentiepopulatie: Volwassenen (NHG-Standaard CVRM; EAS 2022)
Referentiewaarden kunnen variëren tussen laboratoria. Wanneer u een test bestelt, beoordeelt een BIG-geregistreerde arts uw persoonlijke resultaten in context. Bespreek voor behandelbeslissingen uw resultaten met uw huisarts.
Cholesterol lost niet op in bloed. Het reist daarom verpakt in lipoproteïnen: bolletjes van vet en eiwit die het door uw vaten vervoeren. Lp(a), voluit lipoproteïne(a), is er daar één van, en wel een bijzondere. De kern lijkt op een LDL-bolletje en draagt, net als elk schadelijk vetdeeltje, precies één molecuul apolipoproteïne B. Daaraan zit echter een tweede eiwit vastgeklonken dat verder nergens op uw lipidenpanel voorkomt: apolipoproteïne(a), afgekort apo(a). Dat eiwit lijkt qua bouw sterk op plasminogeen, de stof waarmee uw lichaam bloedstolsels afbreekt. Lp(a) is daardoor twee dingen tegelijk: een vetdeeltje dat zich in de vaatwand kan nestelen, en een deeltje dat het opruimen van stolsels bemoeilijkt.
Een lpa-bloedonderzoek is de enige manier om dat deeltje te zien. Uw totaal cholesterol, uw LDL, uw HDL en uw triglyceriden verraden het niet. Een man met een voorbeeldig lipidenprofiel kan een sterk verhoogd Lp(a) dragen zonder dat er ook maar iets op zijn uitslagenblad opvalt. Het is geen fijnregeling van uw cholesterolpanel; het is een aparte bepaling die iets meet wat daar simpelweg niet in staat.
Wat de waarde bepaalt, is niet wat u doet, maar wat u meekreeg. In het LPA-gen ligt een stukje DNA dat de KIV-2-eenheid heet en dat bij de een veel vaker wordt herhaald dan bij de ander. Weinig herhalingen betekent een klein apo(a)-eiwit en een lever die veel Lp(a) uitstoot; veel herhalingen betekent het omgekeerde. Die loting vond plaats bij uw conceptie en verklaart ruim negentig procent van het verschil tussen twee mannen. Uw waarde stond dus al vast toen u nog nooit een halter had aangeraakt.
Er is een type man voor wie deze bepaling is bedoeld. Hij is veertig, traint een paar keer per week, rookt niet, drinkt weinig, houdt zijn buikomvang in de gaten en heeft een cholesterolprofiel waar zijn huisarts geen opmerking over maakt. En toch kreeg zijn vader op zijn tweeënvijftigste een stent en zijn broer op zijn vijfenvijftigste een infarct. Hij weet dat er iets in zijn familie zit, maar vindt het nergens in zijn eigen bloed terug. Lp(a) is vaak precies dat ontbrekende stuk.
Genetisch onderzoek laat zien dat een van nature hoog Lp(a) het risico op een hartinfarct en op vernauwing van de kransslagaders zelfstandig verhoogt, ook bij mensen bij wie cholesterol, bloeddruk en leefstijl gewoon op orde zijn. Dat verklaart waarom discipline en een belaste familie elkaar niet opheffen. Ongeveer een op de vijf volwassenen draagt een verhoogde waarde, wat lpa tot een van de meest voorkomende erfelijke risicofactoren maakt die vrijwel niemand van zichzelf kent.
Voor mannen komt daar een tijdlijn bij. Slagaderverkalking ontwikkelt zich bij mannen gemiddeld eerder in het leven dan bij vrouwen, en in een familie waar hartziekte speelt vallen de gebeurtenissen bij de mannelijke leden dan ook vaak al in de vijftiger jaren. Een risicofactor die u vanaf uw geboorte meedraagt, telt decennialang op: het gaat niet om wat uw vaten dit jaar te verduren krijgen, maar om de optelsom sinds uw twintigste.
Wees hier wel eerlijk over de biologie. Lp(a) is geen hormonale waarde. Er bestaat geen aparte mannenreferentie, geen grens die met uw testosteron meebeweegt en geen bewijs dat slaap, stress of zwaar tillen dit getal sturen. De categorieën van 0,30 en 0,50 g/l gelden voor mannen en vrouwen precies hetzelfde. Wat mannelijk is aan dit verhaal, is niet de waarde zelf maar het tijdpad en de familiegeschiedenis eromheen.
En dan de kern: dit is de enige risicofactor op uw uitslagenblad die u niet kunt wegtrainen, wegdiëten of wegsupplementeren. Een statine helpt hier niet; die verlaagt LDL fors, maar laat Lp(a) ongemoeid en tilt het zelfs licht op. Er zijn gerichte medicijnen in ontwikkeling die de aanmaak van Lp(a) sterk remmen, maar of dat ook infarcten voorkomt is nog niet aangetoond en die uitkomststudies lopen nog. Veelbelovend is niet hetzelfde als bewezen.
De juiste conclusie is dus geen berusting, maar verschuiving. Alles wat u wél stuurt gaat zwaarder wegen: het aantal schadelijke deeltjes dat jarenlang langs uw vaatwand schuurt, af te lezen aan ApoB en non-HDL-cholesterol, uw bloeddruk, uw bloedsuikerregulatie (te zien aan uw HbA1c) en niet roken. Hoe streng dat moet zijn, bepaalt uw arts samen met u.
Twee dingen tot slot. Lp(a) hangt niet alleen samen met dichtslibbende slagaders, maar ook zelfstandig met verkalking van de aortaklep, iets wat op vrijwel geen enkele voorlichtingspagina staat. En omdat de aanleg via één gen loopt, heeft elk eerstegraads familielid ongeveer vijftig procent kans op dezelfde variant. Leg een hoge uitslag daarom bij uw arts neer en bespreek daar wat dat voor uw naaste familie betekent.
Voor Lp(a) hoeft u geen ritme aan te houden en geen moment af te wachten. U laat het prikken, u kent uw getal, en daarmee is het klaar voor de rest van uw leven. Dat komt doordat de aanleg vastligt en niet met de jaren opschuift, en het is de reden dat de Europese consensus uit 2022 iedere volwassene adviseert deze bepaling minstens eenmaal te laten doen.
Er is extra aanleiding wanneer er in uw familie op jonge leeftijd hart- of vaatziekten voorkomen, bij uw vader, een broer of een oom, wanneer u zelf al een hart- of vaatziekte heeft, wanneer er sprake is van erfelijk verhoogd cholesterol in de familie, of wanneer bij een eerstegraads familielid al een verhoogd Lp(a) is gevonden.
Nuchter zijn hoeft niet: een maaltijd verschuift Lp(a) nauwelijks, dus de bepaling past probleemloos in een bestaande bloedafname. Uitstellen is wél verstandig tijdens of vlak na een infectie, een operatie of een forse ontsteking, want Lp(a) gedraagt zich deels als acutefase-eiwit en kan dan tijdelijk hoger uitvallen; een CRP in hetzelfde buisje laat zien of daar sprake van is. Twee aandoeningen tillen de waarde structureel op: een verminderde nierfunctie of nefrotisch syndroom, en een traag werkende schildklier. Bij een onverwacht hoge uitslag is het daarom zinvol ook uw TSH te laten bekijken.
De categorieën hieronder komen uit de Europese consensus. Ze zijn oriënterend bedoeld: het risico loopt geleidelijk op, er is geen scherpe grens, en geen van deze getallen is een streefwaarde.
| Uw lpa-waarde (g/l) | mg/dl | nmol/l (ruwe indicatie) | Hoe uw arts dit weegt |
|---|---|---|---|
| onder 0,30 | onder 30 | onder 75 | deze erfelijke factor speelt bij u geen rol van betekenis |
| 0,30 tot 0,50 | 30 tot 50 | 75 tot 125 | tussengebied; telt mee bovenop uw overige risicofactoren |
| 0,50 en hoger | 50 en hoger | 125 en hoger | verhoogd; ongeveer een op de vier à vijf volwassenen zit hier |
| vanaf circa 1,80 | vanaf circa 180 | vanaf circa 430 | sterk verhoogd; het levenslange risico ligt in dezelfde orde als bij familiair verhoogd cholesterol |
De mg/dl- en nmol/l-kolommen staan naast elkaar, maar zijn niet inwisselbaar. De nmol/l-getallen zijn benaderend: nmol/l telt deeltjes en mg/dl weegt massa, en omdat het apo(a)-eiwit per persoon sterk in grootte verschilt, weegt eenzelfde aantal deeltjes niet bij iedereen even zwaar. Weeg ook uw herkomst mee: de mediane waarde ligt bij mensen met een Afrikaanse achtergrond aanzienlijk hoger dan bij mensen met een Europese of Zuid-Aziatische achtergrond. Laat uw arts de uitslag daarom in uw volledige risicoprofiel plaatsen.
Laag Lp(a) is gunstig en wijst op lager genetisch cardiovasculair risico.
Verhoogd Lp(a) is genetisch bepaald en verhoogt cardiovasculair risico. Focus op andere risicofactoren.
Begin met wat niet werkt, dat scheelt geld en frustratie. Er bestaat geen dieet, geen trainingsvorm en geen supplement waarvan overtuigend is aangetoond dat het Lp(a) verlaagt en daarmee uw risico verkleint. Krachttraining doet het niet, cardio doet het niet, koolhydraten schrappen doet het niet en tien kilo eraf doet het ook niet. Wees dus kritisch op middelen die precies dat beloven: zelfs als een product het getal een paar procent zou drukken, is nooit aangetoond dat dat ook maar iets aan uw risico verandert. Dit is niet de waarde waarop u uw discipline moet loslaten.
Waar u die discipline wél op richt, is het volgende. Het aantal schadelijke deeltjes in uw bloed telt het zwaarst; dat leest u af aan ApoB en non-HDL-cholesterol, niet aan uw totaal cholesterol. Daarnaast: uw bloeddruk, niet roken, uw bloedsuikerregulatie en uw buikomvang. Visceraal vet, veel alcohol en insulineresistentie vormen bij mannen een hardnekkig trio dat uw triglyceriden optilt en uw HDL onderuit haalt; houd alcohol daarom beperkt. Bij een verhoogd Lp(a) levert elk van deze punten u méér op dan iemand met een lage waarde, simpelweg omdat u van een hoger startpunt komt.
Laat daarnaast nagaan of er een behandelbare oorzaak meespeelt. Een traag werkende schildklier en een verminderde nierfunctie kunnen de waarde optillen, en dat zijn dingen waar wél iets aan te doen valt.
Eén waarschuwing die hier thuishoort: anabole middelen en hoge doses testosteron buiten medisch toezicht ontregelen uw lipidenprofiel diepgaand. Bovenop een erfelijk verhoogd Lp(a) stapelt dat risico op elkaar.
Verander tot slot nooit op eigen houtje iets aan voorgeschreven cholesterolverlagende medicatie op grond van een Lp(a)-uitslag, en bespreek met uw arts wat een hoge waarde betekent voor uw vader, broers, zussen en kinderen.
Deze panelen meten waarden uit dezelfde categorie als deze marker.
Geavanceerd hartgezondheidspanel met hs-CRP en homocysteïne.
Leeftijdsgerichte screening inclusief testosteron en PSA.
Een breed mannelijk gezondheidspanel: hormonen, hart, metabole en orgaanfunctie in één bloedafname.
Bloedsuiker, insulineresistentie, lipiden en levermarkers.
Lp(a)
€36,-
We gebruiken cookies om het sitegebruik te analyseren en de effectiviteit van advertenties te meten.
Privacybeleid