Compleet Mannelijk Gezondheidspanel
Een breed mannelijk gezondheidspanel: hormonen, hart, metabole en orgaanfunctie in één bloedafname.
Lp(a), voluit lipoproteïne(a), is een cholesterolvervoerend deeltje in het bloed dat bestaat uit een LDL-deeltje met daaraan het eiwit apolipoproteïne(a). Volgens de European Atherosclerosis Society (EAS) ruimen vooral de lever en, in kleine mate, de nieren Lp(a) op.
Een hoge Lp(a) is volgens de EAS een oorzaak van hart- en vaatziekten en van vernauwing van de aortaklep, de klep waardoor het hart bloed de grote lichaamsslagader in pompt. Hoe hoog Lp(a) is, meet alleen een bloedtest.
De EAS drukt Lp(a) onder meer uit in nanomol per liter en stelt voor dat richtlijnen een grijs gebied overwegen, bijvoorbeeld 75 tot 125 nmol/L, waarbij een waarde onder die zone het risico zou uitsluiten en een waarde vanaf 125 nmol/L het zou insluiten.
Beoordeling door arts inbegrepen
Lp(a) is een vetdeeltje waarvan de hoogte grotendeels erfelijk vastligt. Laboratoria rapporteren het in nmol/l of mg/l, dus een uitslag is alleen te vergelijken met de grens van het laboratorium dat hem mat.
| Uitslag | Waarde (g/l) |
|---|---|
| Normaal | < 0,3 |
| Grenswaarde | 0,3–0,5 |
| Verhoogd | ≥ 0,5 |
Lp(a) is grotendeels erfelijk bepaald en blijft levenslang vrijwel constant. Het risico stijgt geleidelijk met de waarde; de EAS benadrukt dat er geen biologische drempel is. De NHG-Standaard CVRM hanteert > 50 mg/dl (0,50 g/l, 80e percentiel) als afkapwaarde en adviseert géén screening van de algemene bevolking. Sommige laboratoria hanteren een strengere bovengrens (0,3 g/l), die overeenkomt met de EAS-ondergrens van het grijze gebied.
Bron: Nederlands Huisartsen Genootschap Referentiepopulatie: Volwassenen (NHG-Standaard CVRM; EAS 2022)
Bron: European Atherosclerosis Society Referentiepopulatie: Volwassenen (NHG-Standaard CVRM; EAS 2022)
Referentiewaarden kunnen variëren tussen laboratoria. Wanneer u een test bestelt, beoordeelt een BIG-geregistreerde arts uw persoonlijke resultaten in context. Bespreek voor behandelbeslissingen uw resultaten met uw huisarts.
De bovengrens loopt van 60 nmol/l bij Unilabs tot 75 nmol/l bij Star-shl.
| Laboratorium | Groep | Referentiewaarde (nmol/l) | Verhouding op schaal |
|---|---|---|---|
| Star-shl | · Iedereen · een grens, geen bereik | < 75 nmol/l |
75
|
| Unilabs | · Iedereen · een grens, geen bereik | < 60 nmol/l |
60
|
| Unilabs | · Iedereen · grijs gebied voor hart- en vaatziekte | 75–125 nmol/l |
75 125
|
| Unilabs | · Iedereen · een grens, geen bereik · verhoogd risico op hart- en vaatziekte | > 125 nmol/l |
125
|
| Certe | · Iedereen · 18 jaar en ouder · een grens, geen bereik | < 500 mg/L mg/L | |
| Certe | · Iedereen · grijs gebied | 300–500 mg/L mg/L | |
| Certe | · Iedereen · een grens, geen bereik · hoog risico | > 500 mg/L mg/L | |
| Diagnostiek voor U | · Iedereen · een grens, geen bereik | < 75 nmol/L |
75
|
Bron: Star-shl
Bron: Unilabs
Bron: Certe
Bron: Diagnostiek voor U
Elke waarde zoals het laboratorium die zelf publiceert, opgehaald in 2026.
De Lp(a)-test meet lipoproteïne(a) in serum; Star-SHL gebruikt immunoturbidimetrie, vermeldt AML als bron en geeft < 75 nmol/l als referentiewaarde. Volgens de EAS bereikt Lp(a) meestal rond het vijfde levensjaar het niveau van een volwassene, maar kan de waarde tot de volwassenheid nog stijgen.
Het LPA-gen, dat de hoogte van Lp(a) grotendeels bepaalt, is volgens de EAS sinds 2013 vastgesteld als een belangrijke bijdrage aan het risico op vernauwing van de aortaklep. Een hoge Lp(a) gaat volgens de EAS samen met verkalking van die klep, vooral bij relatief jonge, gezonde mensen van 45 tot 54 jaar.
Een Lp(a)-meting adviseert de EAS minstens één keer bij volwassenen, terwijl de Nederlandse richtlijn erfelijke dyslipidemie geen rechtvaardiging ziet voor screening van de algemene bevolking en een meting overweegt bij onder meer mensen met meer dan 5% kans om binnen tien jaar aan hart- en vaatziekte te overlijden volgens de SCORE-tabel.
Een Lp(a) onder 60 nmol/l valt bij Unilabs binnen de referentiewaarde; een ondergrens noemt Unilabs niet. Bij mannen blijft Lp(a) volgens de EAS relatief constant, en castratie, operatief of met medicijnen, verhoogt de waarde volgens de EAS een beetje.
Een hoge Lp(a) gaat volgens de EAS samen met een hoger absoluut en relatief risico op vernauwing van de aortaklep, herseninfarct, hartinfarct en hartfalen. Voor trombose in de aderen toont het bewijs in de EAS-consensus geen oorzakelijk verband aan.
Verminderde leverfunctie
Lp(a) wordt in de lever gemaakt, dus een slechter werkende lever kan de waarde verlagen.
Te snel werkende schildklier
Een te snelle schildklier kan Lp(a) verlagen; na behandeling stijgt de waarde met 20 tot 25 procent.
Hormoonbehandeling na de overgang
Hormoonvervangende therapie na de overgang verlaagt Lp(a) met ongeveer 25 procent.
Ernstige acute ziekte
Bij levensbedreigende toestanden zoals sepsis of zware brandwonden is Lp(a) lager.
Erfelijke aanleg
Aangenomen wordt dat de hoogte van Lp(a) vooral genetisch vastligt en vanaf volwassen leeftijd nauwelijks verandert.
Nierziekte
Een verminderde nierfunctie kan Lp(a) verhogen, en bij het nefrotisch syndroom is de waarde 3 tot 5 keer zo hoog.
Zwangerschap
Tijdens een zwangerschap kan Lp(a) verdubbelen.
Te traag werkende schildklier
Een te trage schildklier kan Lp(a) verhogen; behandeling verlaagt de waarde met 5 tot 20 procent.
Bij een zeer hoge Lp(a) en voortschrijdende hart- en vaatziekte ondanks een optimale behandeling van de andere risicofactoren kan volgens de EAS lipoproteïne-aferese worden overwogen, een behandeling die Lp(a) uit het bloed filtert, omdat ongecontroleerde gegevens op voordeel wijzen. Pelacarsen, een nieuw middel dat de aanmaak van apo(a) in de lever remt, gaf volgens de EAS in vroege studies gemiddelde dalingen van Lp(a) van 80 en 72%, afhankelijk van de dosering.
Een exact getal voor het risico op hart- en vaatziekten bij een hoge Lp(a) geeft de Nederlandse richtlijn erfelijke dyslipidemie niet: door het ontbreken van kwantitatieve gegevens kon zij geen conclusie trekken over het tienjaarsrisico of het risico over het hele leven. De EAS beschrijft dat het risico geleidelijk stijgt met de waarde, al onder de gangbare grenzen.
Nicotinezuur wordt door de EAS niet aanbevolen bij een hoge Lp(a), omdat twee uitkomststudies geen klinisch voordeel lieten zien. Volgens de Nederlandse richtlijn erfelijke dyslipidemie verlaagde nicotinezuur Lp(a) in eerdere studies wel, zonder dat dat tot minder hart- en vaatziekte leidde.
Of aspirine helpt bij een duidelijk verhoogde Lp(a), is volgens de EAS onzeker, en de huidige gegevens steunen niet om aspirinegebruik op de Lp(a)-waarde af te stemmen.
Deze panelen meten waarden uit dezelfde categorie als deze marker.
Een breed mannelijk gezondheidspanel: hormonen, hart, metabole en orgaanfunctie in één bloedafname.
Geavanceerd hartgezondheidspanel met hs-CRP en homocysteïne.
Bloedsuiker, insulineresistentie, lipiden en levermarkers.
Leeftijdsgerichte screening inclusief testosteron en PSA.
Medisch adviseur
Dr. Naimi ziet toe op de medische standaarden achter onze content en beoordelingen.
Medisch beleidBeoordeling door arts inbegrepen
Elk resultaat bevat een professionele beoordeling door een BIG-geregistreerde arts. Bespreek voor behandelbeslissingen uw resultaten met uw huisarts.
Lp(a)
€36,-
We gebruiken cookies om het sitegebruik te analyseren en de effectiviteit van advertenties te meten. Privacybeleid