Ga naar hoofdinhoud
Your session has expired. Reloading...
Terug naar Blog
Hart & vaten

Hoge bloeddruk bij mannen: waarden, oorzaken en wat je bloed erover zegt

C
Caliberhealth
12 min lezen
Een arm met een opgeblazen bloeddrukmanchet die op bed rust.
Foto: engin akyurt via Unsplash

Mijn buurman stuurde me een foto van zijn bloeddrukmeter: 148/92. Hij is 41, voetbalt nog elke donderdag en voelde helemaal niets. Precies daarom blijft een hoge bloeddruk bij mannen vaak jaren onopgemerkt.

Ik heb daarna een middag besteed aan de Nederlandse pagina's over dit onderwerp. Medisch is er weinig op aan te merken. Maar geen enkele noemt dat een te hoge bloeddruk tot ongeveer je vijftigste vaker voorkomt bij mannen dan bij vrouwen (NCD-RisC, 2021).

Dat vind ik een gemiste kans. Er hangt namelijk van alles aan vast: je nieren, je bloedsuiker, je vaten en ja, ook je erectie.

Twee dingen mis ik verder overal. Welke bloedwaarden er naast een verhoogde bloeddruk kunnen spelen, en wat een thuismeting van 148/92 nou eigenlijk zegt. Allebei staan ze hieronder in een tabel.

Wat is een normale bloeddruk voor een man?

Voor mannen gelden precies dezelfde grenzen als voor vrouwen. Onder 120/80 mmHg heet optimaal, en vanaf 140/90 mmHg spreekt je huisarts meestal van hypertensie. Meet je zelf thuis, dan ligt die grens iets lager, rond 135/85 mmHg, omdat thuismetingen gemiddeld wat lager uitvallen dan in de spreekkamer.

Er bestaat dus geen aparte normale bloeddruk voor een man. Wel een ander verloop. Bij mannen loopt de bloeddruk gemiddeld eerder op, bij vrouwen gebeurt dat later en steiler.

De bovenste waarde heet de bovendruk, of systolische druk. Dat is de druk op het moment dat je hart samenknijpt. De onderste waarde is de onderdruk, of diastolische druk: de druk tussen twee hartslagen door.

Waarom een hoge onderdruk bij mannen vaak eerst opvalt

Onder de vijftig is een hoge onderdruk vaak het eerste dat opvalt. Je bovendruk kan dan nog netjes onder de 140 staan, terwijl je onderdruk al richting de 95 kruipt. Dat telt gewoon mee.

De reden zit in de stijfheid van je vaten. Bij jonge, soepele vaten stijgt de druk tussen de hartslagen door het eerst. Naarmate de grote slagaders stijver worden, gaat juist de bovendruk hard omhoog en zakt de onderdruk soms weer.

Eén losse meting is nooit een conclusie.

Wat je thuismeting ongeveer betekent

Hieronder staat de eerste tabel. Het zijn bewust thuiswaarden, dus ongeveer 5 mmHg lager dan wat je bij de huisarts zou zien. Val je in twee banden tegelijk, bijvoorbeeld 128/96, dan telt de hoogste.

Thuismeting (mmHg)Hoe dit meestal heetWat een zinnige volgende stap kan zijn
Lager dan 120/75OptimaalNiets bijzonders. Af en toe meten is genoeg als je het wilt volgen.
120/75 tot 134/84Normaal tot licht verhoogdOver een paar maanden nog eens meten. Leefstijl weegt in deze band het zwaarst.
135/85 tot 149/94Graad 1, mild verhoogdMeet een week lang ochtend en avond. Neem het gemiddelde mee naar je huisarts.
150/95 tot 174/104Graad 2, duidelijk verhoogdEen afspraak bij je huisarts is verstandig, ook als je je prima voelt.
Vanaf 175/105Fors verhoogdNeem op korte termijn contact op met je huisarts.
Vanaf 180/110 met klachtenMogelijk spoedBij hevige hoofdpijn, pijn op de borst, kortademigheid of uitvalsverschijnselen: bel direct je huisarts, de huisartsenpost of 112.

Deze indeling is een leeshulp, geen diagnose. Je huisarts kijkt naar veel meer dan één getal: je leeftijd, je gewicht, roken, je familie en wat er verder in je bloed staat.

Twee mannen, allebei 148/92

Man A is 34. Hij mat één keer, op kantoor, na een dubbele espresso, met de manchet over zijn trui en zijn benen over elkaar. Zijn 148/92 zegt vooral iets over dat moment.

Man B is 52. Hij mat een week lang, ochtend en avond, twee metingen per keer. Hij zat steeds tussen 145/90 en 155/95.

Hetzelfde getal, een heel ander verhaal. Man A heeft een meetprobleem, man B heeft een patroon.

Hoe je meet bepaalt of het getal iets waard is. Dat hebben we uitgewerkt in bloeddruk meten thuis. Valt je bloeddruk juist alleen bij de dokter hoog uit, lees dan witte jassen hypertensie.

Hoge bloeddruk bij mannen: waarom het bij jou eerder speelt

Tot ergens rond je vijftigste komt een te hoge bloeddruk vaker voor bij mannen. Daarna draait dat om. In de grootste analyse tot nu toe, met gegevens van 104 miljoen mensen, lag de wereldwijde prevalentie bij mannen op 34 procent en bij vrouwen op 32 procent (NCD-RisC, 2021).

Dat verschil van twee procentpunt klinkt bescheiden. Per leeftijdsgroep loopt het echter flink uiteen. Onder de vijftig zit het gat duidelijk in het nadeel van mannen, daarboven halen vrouwen de achterstand in.

Waarom dat zo is, weten we niet helemaal. Een deel zit in leefstijl: mannen drinken gemiddeld meer alcohol, eten meer zout en slaan vet eerder rond hun buik op. Een deel zit waarschijnlijk in hormonen en in hoe de nieren natrium vasthouden.

En er is iets praktisch. Wat mij opvalt: de eerste keer dat veel mannen hun bloeddruk laten meten, is als er al iets anders speelt. Een keuring, een blessure, een klacht die niet overgaat.

Dat is laat.

Waardoor krijg je een hoge bloeddruk?

Bij ongeveer negen van de tien mensen is er geen aanwijsbare oorzaak. Dat heet primaire hypertensie: een optelsom van erfelijkheid, leeftijd, gewicht, zout, alcohol, slaap en stress.

Bij de rest zit er wel iets concreets achter, meestal in de nieren, de hormonen of de ademhaling tijdens de slaap. Dat heet secundaire hypertensie, en die vorm is vaker aan te pakken bij de bron.

Primaire hypertensie: de optelsom

Zout is de bekendste knop. In een Cochrane-analyse van 34 onderzoeken verlaagde een bescheiden zoutbeperking de bovendruk bij mensen met hypertensie met gemiddeld 5,4 mmHg (He, 2013). Bij mensen met een normale bloeddruk was het effect kleiner.

Hoeveel dat in jouw keuken oplevert, hangt af van waar je begint. De cijfers staan uitgesplitst in zout en bloeddruk.

Alcohol staat op twee. Meer dan een paar glazen per dag kan de bloeddruk meetbaar verhogen, en dat effect zakt vaak binnen weken als je mindert.

Verder spelen mee: vet rond je buik, weinig bewegen, roken en slecht slapen. Snurken met ademstops hoort daar ook bij. Slaapapneu wordt bij mannen nog vaak gemist, terwijl het de bloeddruk 's nachts flink omhoog kan houden.

Stress zit in dit rijtje, maar anders dan de meeste mensen denken. Wat cortisol wel en niet met je bloeddruk doet, staat in stress en bloeddruk.

Secundaire hypertensie: als er wel een oorzaak is

Deze groep wordt structureel gemist, en dat vind ik het meest zonde. De bekendste oorzaak is te veel aldosteron. Dat is het hormoon dat je nieren vertelt om natrium vast te houden.

In een onderzoek onder mensen met nieuw vastgestelde hypertensie in de huisartsenpraktijk had bijna 6 procent primair hyperaldosteronisme (Monticone, 2017). Dat is niet zeldzaam. Een van de aanwijzingen kan een laag kalium in je bloed zijn.

Andere mogelijke oorzaken zijn nierziekte, een vernauwde nierslagader, een te snelle of te trage schildklier en slaapapneu. Ook medicijnen tellen mee. Ontstekingsremmers zoals ibuprofen, sommige neussprays en veel drop kunnen je bloeddruk omhoog duwen.

Drop is geen grap. Glycyrrhizine, de stof uit zoethout, kan bij gevoelige mensen de bloeddruk flink verhogen.

Slik je al bloeddrukverlagers en voel je je moe, of merk je iets aan je erectie? Dat is een bekend gespreksonderwerp bij de huisarts. We hebben het uitgeschreven in bijwerkingen van bloeddrukverlagers.

Welke klachten horen bij een hoge bloeddruk?

Meestal geen enkele. Een hoge bloeddruk doet geen pijn en is niet te voelen, ook niet als hij fors verhoogd is. Sommige mensen merken hoofdpijn bij het wakker worden, duizeligheid, een rood gezicht of oorsuizen.

Die klachten komen alleen net zo goed voor bij een normale bloeddruk. Je kunt er dus niet op afgaan.

Daarom heet het soms de stille aandoening. Dat woord vind ik ongelukkig gekozen, want het klinkt dreigender dan het is. Het betekent gewoon dat meten de enige manier is om het te weten.

Er zijn wel signalen die eerder aandacht verdienen. Plotselinge hevige hoofdpijn, wazig zien, pijn op de borst, kortademigheid of verwardheid horen niet bij een gewoon verhoogde bloeddruk. Neem daarbij direct contact op met een arts.

En er is één klacht die mannen sneller naar de huisarts brengt dan welk getal ook. Daar kom ik verderop op terug.

Welk bloedonderzoek hoort bij een hoge bloeddruk?

Bloedonderzoek meet je bloeddruk niet. Het kijkt naar wat eromheen speelt: je nieren, je zouthuishouding, je bloedsuiker, je vetten en je schildklier. Een arts kan daarmee zoeken naar een mogelijke oorzaak en naar wat er verder in je vaten gebeurt.

Het vervangt het meten dus niet. Het legt er een laag onder.

Dit is de tabel die ik nergens anders tegenkwam. Per waarde staat waar hij naar kijkt en waarom hij bij een verhoogde bloeddruk kan meespelen.

BloedwaardeWaar het naar kijktWaarom het bij een hoge bloeddruk kan meespelen
KaliumJe zouthuishouding en indirect het hormoon aldosteronEen laag kalium kan passen bij te veel aldosteron, een oorzaak die vaker voorkomt dan gedacht (Monticone, 2017)
NatriumJe vocht- en zoutbalansKan afwijken bij nier- of hormoonoorzaken, en bij het gebruik van plaspillen
Kreatinine en eGFRHoe goed je nieren filterenNieren kunnen zowel oorzaak als gevolg zijn van een verhoogde bloeddruk
Glucose en HbA1cJe bloedsuiker nu en over de laatste wekenEen verhoogde bloedsuiker en een verhoogde bloeddruk komen vaak samen voor
Cholesterol en LDLDe vetten in je bloedWeegt mee in de inschatting van je totale vaatrisico, naast je bloeddruk
TSHDe aansturing van je schildklierZowel een te trage als een te snelle schildklier kan de bloeddruk beïnvloeden

Belangrijk: dit is geen lijstje om af te vinken en geen protocol. Welke waarden een arts bekijkt, hangt af van je verhaal, je leeftijd, je medicijnen en wat de metingen laten zien.

Kalium is daarbij het waardevolste getal dat bijna niemand noemt. Het kost niets extra's, het zit in vrijwel elke basisprik, en het is een van de weinige aanwijzingen richting een oorzaak die je echt kunt aanpakken.

Wil je die waarden in één keer laten prikken, dan zitten de meeste ervan in ons bloedonderzoek voor cardiovasculaire gezondheid. Wat eruit komt, bespreek je met je huisarts.

Heeft een hoge bloeddruk invloed op je erectie?

Vaak wel. Een erectie is in de eerste plaats doorbloeding. De slagaders in je penis zijn smaller dan je kransslagaders, dus als de binnenkant van je vaten stijver wordt, valt dat daar eerder op. Erectieproblemen kunnen daardoor een vroeg signaal zijn.

De cijfers passen bij dat beeld. In de Massachusetts Male Aging Study kwam volledige erectiele disfunctie voor bij ongeveer 15 procent van de mannen die voor een hoge bloeddruk behandeld werden. In de hele onderzoeksgroep was dat 9,6 procent (Feldman, 1994).

In een meta-analyse van cohortonderzoeken hing erectiele disfunctie samen met een hoger risico op hart- en vaatziekten en op overlijden door alle oorzaken (Vlachopoulos, 2013). Samenhang is geen oorzaak. De meeste mannen met erectieproblemen hebben geen hartprobleem.

Wat ik hier belangrijk vind: het werkt twee kanten op. Erectieproblemen kunnen iets zeggen over je vaten, en sommige bloeddrukverlagers kunnen zelf erectieproblemen geven.

Zelf stoppen met je medicatie is geen goed idee. Leg het voor aan je huisarts, want er zijn meestal alternatieven.

En nee, hier hoeft geen schaamte bij. Voor veel mannen is dit het onderwerp dat ze eindelijk naar de wachtkamer brengt, en dat is prima.

Kun je oud worden met een hoge bloeddruk?

Ja, en heel veel mensen doen dat. Een hoge bloeddruk is geen diagnose die je levensduur vastlegt, maar een risicofactor die meeweegt.

Hoe hoog hij staat en hoe lang hij zo staat, telt allebei mee. Het is bovendien een van de risicofactoren die je het makkelijkst kunt beïnvloeden.

De relatie zelf is goed beschreven. In een analyse van gegevens van een miljoen volwassenen hing elke 20 mmHg hogere bovendruk, gerekend vanaf 115/75, samen met ongeveer een verdubbeling van de vaatsterfte (Lewington, 2002).

Dat klinkt hard. Lees het ook andersom: elke stap omlaag telt net zo goed mee.

In de SPRINT-studie kregen mensen met een verhoogd risico een strengere bloeddrukbehandeling. Die groep had minder hart- en vaatproblemen dan de groep met het gewone streefgetal (Wright, 2015).

Dat was een studie in een geselecteerde groep, geen advies voor iedereen. Wat voor jou passend is, bepaal je samen met je huisarts.

Wil je het rustig in gewone taal nalezen, dan doen Thuisarts en de Hartstichting dat goed.

Wat je nu kunt doen

Mijn advies is saai en het werkt. Meet een week lang, 's ochtends en 's avonds, twee metingen per keer met een minuut ertussen. Noteer alles, ook de uitschieters die je liever wegdenkt.

Neem dat weekgemiddelde mee naar je huisarts, niet dat ene getal waar je van schrok.

Wil je weten wat er verder in je bloed staat, dan kijkt ons mannelijk gezondheidspanel onder andere naar je nierfunctie, je bloedsuiker, je vetten en je schildklier. Die getallen zeggen niets over je bloeddruk zelf, maar wel over de omgeving eromheen.

Elk bloedtestresultaat bevat een professionele beoordeling door een BIG-geregistreerde arts. Bespreek voor behandelbeslissingen je resultaten met je huisarts.

Bronnen

  1. NCD Risk Factor Collaboration (NCD-RisC). Worldwide trends in hypertension prevalence and progress in treatment and control from 1990 to 2019: a pooled analysis of 1201 population-representative studies with 104 million participants. Lancet. 2021. PMID 34450083.
  2. He FJ, Li J, MacGregor GA. Effect of longer term modest salt reduction on blood pressure: Cochrane systematic review and meta-analysis of randomised trials. BMJ. 2013. PMID 23558162.
  3. Monticone S, Burrello J, Tizzani D, et al. Prevalence and clinical manifestations of primary aldosteronism encountered in primary care practice. J Am Coll Cardiol. 2017. PMID 28385310.
  4. Feldman HA, Goldstein I, Hatzichristou DG, et al. Impotence and its medical and psychosocial correlates: results of the Massachusetts Male Aging Study. J Urol. 1994. PMID 8254833.
  5. Vlachopoulos CV, Terentes-Printzios DG, Ioakeimidis NK, et al. Prediction of cardiovascular events and all-cause mortality with erectile dysfunction: a systematic review and meta-analysis of cohort studies. Circ Cardiovasc Qual Outcomes. 2013. PMID 23300267.
  6. Lewington S, Clarke R, Qizilbash N, et al. Age-specific relevance of usual blood pressure to vascular mortality: a meta-analysis of individual data for one million adults in 61 prospective studies. Lancet. 2002. PMID 12493255.
  7. Wright JT Jr, Williamson JD, Whelton PK, et al. A randomized trial of intensive versus standard blood-pressure control. N Engl J Med. 2015. PMID 26551272.
C

Auteur

Caliberhealth

Gerelateerde testen

Gerelateerde berichten