Ga naar hoofdinhoud
Your session has expired. Reloading...
Terug naar Blog
Hart & vaten

Bloeddrukverlagers bijwerkingen: moeheid, erectie en je bloedwaarden

C
Caliberhealth
8 min lezen
Gekleurde pillen die uit een oranje medicijnpotje op tafel rollen.
Foto: Towfiqu barbhuiya via Unsplash

Bloeddrukverlagers bijwerkingen zijn meestal mild, maar ze komen zelden alleen. Bij enalapril lag gemelde prikkelhoest in trialdata rond 11 procent (Bangalore, 2010). Voor een man die traint voelt het anders: vlakke energie, zwaardere sessies, en een erectie die minder vanzelf gaat.

Die drie klachten staan op de meeste sites in aparte artikelen. In het echt overkomen ze je tegelijk.

Wat ik hier vooral wil toevoegen: welke bloedwaarden kunnen schuiven door deze medicijnen. Kalium, natrium, kreatinine, urinezuur en glucose staan zelden in een bijwerkingenlijst. Ze komen wel op je uitslag terecht.

En dit vooraf, want het is het belangrijkste van dit stuk. Je stopt nooit op eigen houtje met een voorgeschreven bloeddrukverlager.

Wat zijn de bijwerkingen van bloeddrukverlagers?

Vaak gemeld zijn duizeligheid bij opstaan, moeheid, hoofdpijn en koude handen. Per soort verschilt het beeld. ACE-remmers geven nogal eens prikkelhoest, calciumantagonisten dikke enkels, plaspillen vaker plassen en bètablokkers een lagere hartslag. Ook erectieproblemen en minder libido worden gemeld. Veel klachten zakken in de eerste weken.

Het Farmacotherapeutisch Kompas beschrijft die profielen per groep. Thuisarts legt ze in gewone taal uit. Dat zijn de twee plekken waar ik zelf naast de bijsluiter kijk.

Een bijwerking is een melding, geen wet. Veel mannen merken er weinig van.

Wat je voelt hangt af van het middel, de dosis en van jou.

Welke bijwerking komt bij bijna alle bloeddrukverlagers voor?

Duizelig of licht in het hoofd worden bij snel opstaan komt bij vrijwel elke groep voor. Dat is logisch, want ze verlagen allemaal je bloeddruk. Je hersenen merken die daling het eerst bij een houdingswissel. Moeheid en hoofdpijn worden ook breed gemeld, vooral in de eerste weken.

Die duizeligheid zegt niets over hoe goed het middel werkt. Het is het gevolg van precies datgene waarvoor je het gebruikt.

Veel mannen merken dat het minder speelt als ze rustiger overeind komen. Meet je thuis, dan zie je de daling ook in je cijfers terug. Hoe je dat betrouwbaar doet, staat in ons stuk over bloeddruk meten thuis.

Blijft het aanhouden, dan is dat iets voor je huisarts.

Bloeddrukverlagers bijwerkingen per soort medicijn

Bloeddrukverlagers zijn geen één ding. Er zijn vijf veelgebruikte groepen. Elke groep heeft eigen bekende klachten, en een eigen effect op je bloedwaarden.

Deze tabel zet die twee dingen naast elkaar. Ik heb hem gemaakt omdat ik hem nergens vond.

De tabel rangschikt niets. Geen enkele groep is hier beter of slechter dan een andere.

SoortVoorbeelden (stofnamen)Vaak gemelde bijwerkingenBloedwaarden die kunnen schuiven
ACE-remmerenalapril, lisinopril, perindoprilprikkelhoest, duizeligheid, smaakveranderingkalium omhoog, kreatinine omhoog kort na de start (eGFR omlaag)
Angiotensine-receptorblokkerlosartan, valsartan, candesartanduizeligheid, moeheid, zelden hoestkalium omhoog, kreatinine omhoog kort na de start
Bètablokkermetoprolol, bisoprolol, atenololmoeheid, koude handen en voeten, lagere hartslag, minder libidoglucose kan schuiven, triglyceriden soms omhoog
Calciumantagonistamlodipine, nifedipine, diltiazemenkeloedeem, blozen, hoofdpijnmeestal geen typische verschuiving
Thiazidediureticum (plaspil)hydrochloorthiazide, chloortalidon, indapamidevaker plassen, duizeligheid, spierkrampkalium omlaag, natrium omlaag, urinezuur omhoog, glucose omhoog

Er staan stofnamen in de tabel, geen merknamen. Op je doosje kan een andere naam staan terwijl de stofnaam gelijk is.

Moeheid, je training en je erectie zijn één plaatje

Op de meeste sites lees je over seksuele bijwerkingen of over moeheid. Voor een actieve man van 40 lopen die twee door elkaar. Je slaapt hetzelfde, je traint hetzelfde, en toch zakt alles een tandje.

In een overzicht van 15 trials met bètablokkers werd moeheid extra gemeld bij ongeveer 1 op de 57 behandelde mensen per jaar. Voor seksuele klachten kwam dat uit op ongeveer 1 op de 199 (Ko, 2002).

Dat zijn kleine getallen. Voor de man bij wie het speelt, voelt het niet klein.

Er speelt vaak meer mee dan het medicijn. Hoge bloeddruk zelf hangt samen met stuggere bloedvaten, en dat raakt je erectie ook. Je bloedsuiker doet eveneens mee, zoals we uitlegden bij diabetes en erectieproblemen.

Het middel krijgt dus niet automatisch de schuld. Maar het hoort wel op tafel bij je huisarts.

Praat erover, ook als het ongemakkelijk voelt. Schaamte houdt dit gesprek soms jaren tegen, en dat kost je meer dan het gesprek zelf.

Welke bloedwaarden kunnen veranderen door bloeddrukverlagers?

Plaspillen kunnen je kalium en natrium verlagen en je urinezuur en glucose verhogen. ACE-remmers en angiotensine-receptorblokkers kunnen je kalium juist verhogen. Ze kunnen je kreatinine kort na de start laten stijgen, waardoor je eGFR daalt. Die verschuivingen zijn vaak klein.

Een Cochrane-review van thiazidediuretica zag dat kalium daalde en urinezuur steeg. Het effect was groter bij een hogere dosis (Musini, 2014). Bij chloortalidon steeg ook de glucose.

Natrium kan eveneens zakken. In een analyse van gemelde gevallen kwam een laag natrium gemiddeld rond 19 dagen na de start naar voren, met een gemiddelde waarde van 116 mmol/l (Barber, 2015). Dat zijn ernstige gevallen, geen dagelijkse kost.

Bij ACE-remmers en ARB's werkt het anders. Een stijging van je kreatinine tot ongeveer 30 procent in de eerste twee maanden is beschreven, en die stabiliseert daarna meestal (Bakris, 2000). Hoe groot die stijging is en wat die betekent, weegt je arts.

Neem een man van 46 die zes weken enalapril gebruikt. Zijn kreatinine ging van 88 naar 104 micromol/l, een stijging van 18 procent. Zijn uitslag kleurt rood, en hij schrikt.

Zonder context lijkt dat op nierschade. Met context past het bij een bekend patroon na de start van een ACE-remmer. Alleen zijn huisarts kan dat onderscheid maken.

Wat kreatinine en eGFR precies zeggen, leggen we uit in kreatinine en eGFR. De Nierfunctie test kijkt onder meer naar kreatinine, eGFR, kalium en natrium.

Vertel je arts altijd welke bloeddrukverlager je slikt. Zonder die informatie mist een uitslag de helft van zijn verhaal.

Kun je aankomen van bloeddrukverlagers?

Sommige mensen komen wat aan, maar meestal gaat het om vocht en niet om vet. Bij calciumantagonisten kan vocht in je enkels een halve kilo op de weegschaal zetten. Bij bètablokkers wordt soms een lichte toename beschreven, vaak een paar kilo in het eerste jaar. Grote sprongen horen er niet bij.

Dat enkeloedeem is goed onderzocht. In een meta-analyse van 106 trials had 10,7 procent van de mensen op een calciumantagonist dikke enkels, tegen 3,2 procent in de controlegroep (Makani, 2011). Na zes maanden liep dat percentage verder op.

Een strakke sokrand aan het eind van de dag is het klassieke teken.

Weeg je jezelf, kijk dan naar de trend over weken. Eén dag zegt weinig.

Wat je wel doet als je last hebt

Eerst het belangrijkste, en ik herhaal het met opzet. Je stopt nooit zelf met een voorgeschreven bloeddrukverlager, ook niet een paar dagen als proef.

Wisselen van middel of dosis is een beslissing van je huisarts of apotheker. Zij kennen je hele verhaal, inclusief de reden waarom je dit middel kreeg.

Wat je wel kunt doen: opschrijven wat je merkt, wanneer het begon en hoe erg het is. Twee weken aantekeningen maken een consult meteen concreter.

Een vermoede bijwerking kun je zelf melden bij Lareb, het Nederlandse bijwerkingencentrum. Die meldingen voeden de kennis waar iedereen weer op leunt.

Kijk ook naar het grotere plaatje rond je bloeddruk. Hoeveel minder zout echt scheelt, zochten we uit in zout en bloeddruk. Het bredere verhaal staat in hoge bloeddruk bij mannen.

Mijn mening na jaren meelezen met mannenverhalen: de bijwerking die niet besproken wordt, is degene die het langst blijft.

Bel je huisarts als een klacht je dagelijkse leven raakt, en neem je doosje mee naar het consult.

Bronnen

  1. Bangalore S, Kumar S, Messerli FH. Angiotensin-converting enzyme inhibitor associated cough: deceptive information from the Physicians' Desk Reference. Am J Med. 2010;123(11):1016-1030. PMID 21035591.
  2. Ko DT, Hebert PR, Coffey CS, Sedrakyan A, Curtis JP, Krumholz HM. Beta-blocker therapy and symptoms of depression, fatigue, and sexual dysfunction. JAMA. 2002;288(3):351-357. PMID 12117400.
  3. Makani H, Bangalore S, Romero J, Wever-Pinzon O, Messerli FH. Peripheral edema associated with calcium channel blockers: incidence and withdrawal rate, a meta-analysis of randomized trials. J Hypertens. 2011;29(7):1270-1280. PMID 21558959.
  4. Musini VM, Nazer M, Bassett K, Wright JM. Blood pressure-lowering efficacy of monotherapy with thiazide diuretics for primary hypertension. Cochrane Database of Systematic Reviews. 2014;(5):CD003824. PMID 24869750.
  5. Barber J, McKeever TM, McDowell SE, Clayton JA, Ferner RE, Gordon RD, Stowasser M, O'Shaughnessy KM, Hall IP, Glover M. A systematic review and meta-analysis of thiazide-induced hyponatraemia. Br J Clin Pharmacol. 2015;79(4):566-577. PMID 25139696.
  6. Bakris GL, Weir MR. Angiotensin-converting enzyme inhibitor-associated elevations in serum creatinine: is this a cause for concern? Arch Intern Med. 2000;160(5):685-693. PMID 10724055.
  7. Farmacotherapeutisch Kompas. Geneesmiddelgroepen bij hypertensie: ACE-remmers, angiotensine-II-antagonisten, betablokkers, calciumantagonisten en diuretica. 2025.
  8. Thuisarts.nl. Informatie over medicijnen bij hoge bloeddruk. 2025.

Disclaimer

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies van je huisarts of apotheker. Elk bloedtestresultaat bevat een professionele beoordeling door een BIG-geregistreerde arts. Bespreek voor behandelbeslissingen je resultaten met je huisarts. Bij plotselinge of ernstige klachten bel je je huisarts, en bij spoed 112.

C

Auteur

Caliberhealth

Gerelateerde testen

Gerelateerde berichten